Situationeel sturen: hoe kies je de juiste indicatoren?

Een kompas als symbool voor koers bepalen en bijsturen als ondernemer

Geschreven door

in

Foto: Valeria Terekhina / Unsplash. Gebruikt onder de Unsplash-licentie.

Je omzet groeit, maar je houdt minder over. Medewerkers zijn druk, terwijl afspraken blijven liggen. Klanten vragen iets anders dan vorig jaar. Je ziet dat er iets schuurt en wilt ingrijpen. Maar waarop? Op gedrag, kosten, planning of je aanbod?

Een KPI is een kritieke prestatie-indicator waarmee je volgt of je een belangrijk doel bereikt. KPI’s kiezen begint bij het besluit dat je wilt kunnen nemen. Je onderzoekt wat er in deze omstandigheden gebeurt en kiest vervolgens welke informatie je nodig hebt. Systeemdenker Donella Meadows biedt daarvoor bruikbare inzichten. Je kunt ermee aan de slag zonder ingewikkelde modellen of een dashboard vol cijfers.

Waarom een KPI nog niet de oorzaak verklaart

Stel dat een dienstverlener minder opdrachten binnenhaalt. De eerste reactie is meer marketing. Maar misschien komen er voldoende aanvragen en duurt het beantwoorden daarvan te lang. Misschien sluit het aanbod niet meer aan op de klantvraag. Of potentiële klanten stellen beslissingen uit omdat hun budget onder druk staat.

Dezelfde uitkomst vraagt dan om verschillende ingrepen. Beschrijf daarom eerst wat je ziet: sinds wanneer loopt de verkoop terug, bij welke klanten en in welke stap? Vergelijk ook situaties waarin het wel goed gaat. Een verschil tussen twee klantgroepen kan meer vertellen dan het gemiddelde van je hele bedrijf.

Kijk tegelijk naar binnen en naar buiten

Een interne en externe marketinganalyse helpt om je onderzoek breed te houden. Intern kijk je naar aanbod, prijzen, vaardigheden, capaciteit, samenwerking en processen. Extern onderzoek je klanten, concurrenten, leveranciers en ontwikkelingen in economie, technologie en regelgeving.

De verbinding tussen beide verdient aandacht. Een veranderende klantvraag wordt pas een bedrijfsprobleem wanneer je aanbod onvoldoende meebeweegt. Een drukke periode leidt vooral tot vertraging als je planning weinig ruimte biedt. Vraag dus zowel wat er buiten verandert als hoe jouw organisatie daarop reageert.

Gebruik je SWOT als werkdocument. Een sterkte kan kwetsbaar worden: persoonlijke klantrelaties zijn waardevol, maar maken je afhankelijk wanneer alleen jij ze onderhoudt. Een kans kan je overbelasten wanneer nieuwe opdrachten meer capaciteit vragen dan beschikbaar is. Werk je analyse bij zodra zulke signalen ontstaan.

Kies eerst de beslissing, daarna de indicator

Veel ondernemers volgen omzet, marge en gewerkte uren omdat die cijfers beschikbaar zijn. Draai die volgorde om. Welke beslissing moet je nemen? Wil je weten of je extra capaciteit nodig hebt, je prijs moet aanpassen of een aanbod moet vereenvoudigen? Kies vervolgens informatie die helpt om die beslissing te onderbouwen.

Voor een roosterbesluit heb je bijvoorbeeld vraag per tijdvak, benodigde vaardigheden en werkelijk gewerkte uren nodig. Voor een prijsbesluit kijk je naar kosten, bijdrage per opdracht en redenen waarom klanten afhaken. Eén algemeen omzetcijfer helpt bij beide vragen maar beperkt.

Een bruikbare indicator komt op tijd, is begrijpelijk en geeft aanleiding tot handelen. Spreek daarom af wie het signaal ontvangt en welk besluit diegene mag nemen. Als niemand iets kan veranderen, blijft de indicator vooral verslaglegging.

Bepaal ook wat een afwijking betekent. Twee gemiste leveringen bij tien bestellingen vragen een ander gesprek dan twee bij duizend. Vergelijk met een passende periode en neem seizoenen, klantmix en uitzonderingen mee. Een indicator krijgt betekenis door zijn context.

Laat cijfers en ervaringen elkaar aanvullen

Combineer een resultaatcijfer met informatie over wat eraan voorafgaat. Winst vertelt hoe je onderneming financieel presteert. Herstelwerk, prijsafwijkingen en tijdsbesteding kunnen helpen verklaren waarom. Klanttevredenheid beschrijft een ervaring; klachten en wachttijden laten zien waar je mogelijk moet ingrijpen.

Verzamel daarnaast ervaringen. Vraag een afgehaakte klant wat de doorslag gaf. Loop mee tijdens een druk moment. Bespreek met medewerkers welke beslissingen steeds blijven hangen. Een cijfer maakt een patroon zichtbaar, maar verklaart zelden zelfstandig de oorzaak. Behandel je eerste verklaring als een vermoeden dat je nog moet toetsen.

Stel bijvoorbeeld dat offertes lang openstaan. Registreer enkele weken wanneer ze zijn verstuurd, wanneer opvolging plaatsvindt en waarom klanten wachten. Blijkt intern niemand eigenaar van de opvolging, organiseer die verantwoordelijkheid. Blijkt vooral de investeringsruimte bij klanten afgenomen, onderzoek een andere omvang of fasering van je aanbod. Dezelfde indicator leidt zo tot verschillende keuzes.

Gebruik Meadows om terugkerende patronen te begrijpen

Meadows kijkt naar de samenhang tussen onderdelen, informatie en doelen. Voor dagelijks ondernemerschap kun je haar werk vertalen naar vier vragen: welk patroon herhaalt zich, wat houdt het in stand, wie krijgt welke informatie en welk resultaat beloont onze werkwijze?

Neem de ondernemer die voortdurend bijspringt. Daardoor gaat het werk verder. Als medewerkers vervolgens weinig gelegenheid krijgen om zelf besluiten te nemen, blijft hun afhankelijkheid bestaan. De ondernemer blijft nodig en houdt minder tijd over voor begeleiding. Zo kan een behulpzame reactie onbedoeld hetzelfde probleem blijven voeden.

Onderzoek dan één terugkerende beslissing. Welke kennis ontbreekt? Welke bevoegdheid kun je overdragen? Wat moet iemand kunnen voordat jij afstand neemt? De ingreep zit mogelijk in informatie en beslisruimte. Strenger aanspreken heeft pas betekenis wanneer duidelijk is wat iemand zelfstandig kan en moet doen.

Bewaar het geheel wanneer je één cijfer verbetert

Een verkoopdoel kan medewerkers aanzetten tot ruime kortingen. Een besparingsdoel kan leiden tot te weinig voorbereiding. Het bedoelde resultaat verbetert op papier, terwijl elders schade ontstaat. Meadows helpt je zulke samenhang te onderzoeken voordat je een norm verder aanscherpt.

Koppel daarom aan ieder verbeterdoel een grens die je bewaakt. Wil je sneller leveren? Volg ook fouten en klantreacties. Wil je minder uren inzetten? Kijk naar achterstanden en werkdruk. Wil je groeien? Controleer of marge en kaspositie meebewegen. Kies een klein aantal signalen dat past bij het concrete risico.

Bespreek de signalen met mensen die het werk uitvoeren. Zij kunnen vaak uitleggen waarom een ogenschijnlijk logische norm lastig uitpakt. Laat hen voorstellen doen voor een kleine proef. Daarmee benut je hun kennis en maak je samen zichtbaar welke verandering helpt. Leg ook vast wanneer zij zelf mogen afwijken.

Maak van monitoring een vast werkritme

Continu monitoren betekent aandacht organiseren op het moment dat bijsturen zinvol is. Tijdens het werk bespreek je afwijkingen die direct handelen vragen. Wekelijks kijk je naar terugkerende verstoringen. Maandelijks beoordeel je resultaten. Per kwartaal toets je of aannames over klanten, markt en organisatie nog kloppen.

Dat ritme mag verschillen. Een winkel kan dagelijks voorraad en bezetting aanpassen. Een adviesbureau heeft langer nodig om veranderingen in zijn opdrachtenportefeuille te beoordelen. Stem de snelheid van je overleg af op de snelheid waarmee het proces verandert.

Houd ook rekening met vertraging. Een nieuwe werkafspraak kan morgen effect hebben, terwijl vaardigheden ontwikkelen maanden vraagt. Spreek vooraf af wanneer je redelijkerwijs resultaat verwacht. Anders loop je het risico een bruikbare aanpak alweer te vervangen voordat die heeft kunnen werken.

Begin met één vraagstuk dat blijft terugkomen

Kies deze week één probleem. Beschrijf de waarneming, benoem mogelijke interne en externe oorzaken en bepaal welke informatie je verklaring kan toetsen. Verander vervolgens één onderdeel, wijs een verantwoordelijke aan en plan de evaluatie. Beoordeel zowel het gewenste effect als mogelijke nadelen. Goed sturen vraagt daarbij om keuzes: wat verdient nu aandacht, wat kan wachten en waarmee stoppen we de komende maand?

Werkt het, leg de nieuwe werkwijze vast. Werkt het onvoldoende, onderzoek wat je hebt geleerd. Zo wordt sturen een terugkerend gesprek over waarnemingen, keuzes en gevolgen. Je maakt duidelijkere afspraken en ontdekt eerder wanneer de situatie een andere aanpak vraagt.

Wil je verder lezen over de gedachte achter deze aanpak? In Grip zonder controle verkennen we hoe je richting geeft terwijl je ruimte laat voor verandering. Begin vandaag met één terugkerend probleem en één besluit waarvoor je betere informatie nodig hebt. Ook bij het herkennen van nieuwe ondernemerskansen helpt het om verbanden tussen mensen, middelen en informatie te onderzoeken.

Bronnen en verder lezen

Donella H. Meadows, Thinking in Systems: A Primer (2008, onder redactie van Diana Wright), in het Nederlands verschenen als Denken in systemen. Aanvullend: Dancing With Systems en Leverage Points: Places to Intervene in a System. De voorbeelden, selectie van indicatoren en het voorgestelde werkritme zijn een eigen praktische uitwerking voor ondernemers, geen vast stappenplan van Meadows.

Blijf verder denken.

Ontdek meer perspectieven op ondernemerschap, gedrag en waardecreatie.